Mensen die in 2018 zijn getrouwd, denken vaak dat ze automatisch "koude uitsluiting" hebben. De wettelijke gemeenschap is sindsdien beperkt — alles wat voor het huwelijk werd opgebouwd, blijft van wie het was. Klinkt als kou.

Dat is een misverstand. De beperkte gemeenschap is iets anders dan koude uitsluiting. Koude uitsluiting is een specifieke vorm van huwelijkse voorwaarden, waarbij élke vermogensgemeenschap is uitgesloten — ook ten aanzien van wat &tíjdens het huwelijk wordt opgebouwd. Dat moet bij notariële akte worden vastgelegd, vóór of tijdens het huwelijk.

Mensen die echt koude uitsluiting hebben, zijn meestal ondernemers, of komen uit families met vermogen dat beschermd moet worden tegen schoonkinderen. Voor hen ligt er bij scheiding op het oog een schoon verhaal: van mij blijft van mij, van haar blijft van haar.

De praktijk is anders.

Drie complicaties van koude uitsluiting.

Eén: vermenging. Tijdens het huwelijk komen geldstromen samen op gezamenlijke rekeningen. Boodschappen worden door één betaald, vakanties door de ander, het huis wordt verbouwd uit beide spaartegoeden. Wie achteraf wil bewijzen wat van wie was, moet bankafschriften over tien tot vijftien jaar reconstrueren. Dat is veelal onmogelijk — en de Hoge Raad heeft in een reeks arresten bepaald dat onbewezen vermogen wordt geacht gemeenschappelijk te zijn, in gelijke delen.

Twee: vergoedingsrechten. Als A € 50.000 inbreng deed bij de aankoop van een huis dat op naam van B staat, ontstaat een vergoedingsrecht. Bij scheiding krijgt A dat bedrag terug, plus — sinds 2012 — een aandeel in de waardestijging naar evenredigheid. Een huis van toen € 300.000 dat nu € 500.000 waard is, met een inleg van € 50.000 op een totaal van € 300.000, betekent voor A een vordering van € 50.000 + (50/300) × € 200.000 = € 83.333. Niet de helft, maar een serieus bedrag.

Drie: verrekening. Veel oude akten bevatten een verrekenbeding dat tijdens het huwelijk had moeten worden uitgevoerd — jaarlijks het overgespaarde inkomen verrekenen. Dat is bijna nooit gedaan. Bij scheiding gaat dat alsnog spelen: alle besparingen tijdens het huwelijk worden geacht 50/50 gedeeld te worden. Dat is in de praktijk vrijwel hetzelfde als gemeenschap van goederen, alleen met een formulier-route ervoor.

Wat wel koud blijft.

Drie dingen.

Een. Wat aantoonbaar vóór het huwelijk was, op één naam, en niet vermengd is. Een huis dat A al had en waar B is ingetrokken. Een effectenrekening die altijd op naam A bleef. Een erfenis die op een separate rekening werd gehouden.

Twee. Wat onder een uitsluitingsclausule was geschonken of geërfd. Veel ouders die hun kind willen beschermen tegen een aanstaande schoonzoon of -dochter zetten in de akte: "deze schenking valt niet in enige gemeenschap." Dat geldt ook bij koude uitsluiting — dat blijft van het kind alleen.

Drie. Pensioen. Dat valt buiten de huwelijksvoorwaarden — voor pensioen geldt altijd de Wet Verevening. Tenzij in de akte expliciet is uitgesloten, én beide partijen daarvan kennis hadden, en de pensioenuitvoerder is geïnformeerd.

Waarom mensen het toch koud noemen.

Omdat het zo voelt. Geen ouder die zegt: ik wil koude uitsluiting. Het is altijd de notaris, de fiscalist, de vader van de bruid. Het is een term die suggereert dat de wet onverbiddelijk is. In werkelijkheid is wat er gebeurt bij scheiding tussen mensen met koude uitsluiting — vooral als er kinderen waren, een gezamenlijk huis, een gemeenschappelijke onderneming — vaak een ingewikkelde verrekening die niet veel verschilt van een wettelijke gemeenschap.

Met één verschil: de bewijslast. Wie iets als privé wil claimen, moet het bewijzen. Wie tien jaar geleden geen administratie heeft bijgehouden, verliest.

De les in één zin.

Koude uitsluiting beschermt vermogen alleen als je het systematisch gescheiden houdt, met administratie, jaarlijkse verrekening, en aparte rekeningen. Voor de meeste paren is dat te veel administratie voor te weinig praktisch nut — en het verschil bij scheiding blijkt achteraf kleiner dan iedereen verwachtte.

Voor wat er bij scheiding overblijft — ongeacht het regime — rekent de rekentool "De verdeling" de eindbedragen door.